zaterdag 28 maart 2015

Verkiezingen in Syrie



Terwijl een coalitie van rebellen de geweren triomfantelijk door de straten van Idlib liet knallen, wist de Syrische staatstelevisie verkiezingen te melden.


vrijdag 27 maart 2015

Een lezing met vraagtekens



Rare jongens soms, daar bij de NOS. Een week nadat zelfs het blad Vorsten het voorgenomen bezoek van koningin Maxima al had gemeld en  Birmese journalisten van naam en faam hun pen in de inkt hadden gedoopt, kwam de publieke zender ook nog maar eens met het bericht - en deed alsof het nieuws was. (zie ook http://minkanijhuis.blogspot.nl/2015/03/een-checklist-voor-birma.html)
Maar laat ik ter zake komen. Maxima gaat onder andere een lezing geven voor studenten. Nu wil het ongelukkig toeval dat veel jongeren deze dagen nogal druk met demonstreren zijn. Anderen laten verstek gaan omdat ze ondergedoken of achter de tralies zitten.
Er zijn vast Birmezen die zo'n optreden de moeite waard vinden, maar onder mijn vrienden zitten die niet. Praise the Lord, smaalde een van hen. Anderen lieten spottend weten dat ze zeer benieuwd zijn wat de koningin hun te vertellen heeft in deze hachelijke tijden.
Het is trouwens ook een interessante vraag waar de lezing plaats gaat vinden. De universiteit van Rangoon is een historische plek waar heel wat studentenbloed vergoten werd in protesten tegen het bewind. Die symboliek was de reden dat Obama voor de locatie koos toen hij in november 2012 voor het eerst het land bezocht. Het was destijds een statement van jewelste.
http://minkanijhuis.blogspot.nl/2012/11/obama-in-rangoon.html
Ondertussen doen de burgemeesters van Rangoon hun uiterste best om de stad spic en span te krijgen voordat het hoge bezoek arriveert.

dinsdag 24 maart 2015

Birmese humor en koninklijk bezoek




Over het aanstaande bezoek van Maxima. Birmese humor. Altijd goed.


Uit: The Irrawaddy
Cartoonist ATH

"Kijk uit! De koningin van Nederland komt op bezoek!"


(Zie ook: blog 20 maart Een checklist voor hoog bezoek aan Birma)



maandag 23 maart 2015

Smokejumpers in Irak


"



"De lage tafel van de hotelbar staat vol glazen bier en rode wijn. Speculaties over het lot van een ontvoerde collega vliegen over en weer. Maar er klinkt ook veel gelach boven het geroezemoes van de andere gasten uit. De Iraakse ober manoeuvreert beleefd tussen de herrie van onze re√ľnie door. Zijn gezicht verraadt niet wat er in hem omgaat, maar het kan niet anders of hij associeert de terugkeer van de horde journalisten met nieuwe rampspoed voor zijn land.
De afgelopen jaren werd het conflict in Irak meerdere malen 'voorbij' verklaard. Het mediaspektakel kwam en ging. The story was dead, zoals dat in vaktermen heet, nadat eind 2011 de Amerikaanse gevechtstroepen vertrokken. Maar nu IS en hun soennitische medestanders delen van het land onder controle hebben en de spanningen toenemen, zijn we weer bij honderden tegelijk in Bagdad neergestreken.
..."

"...De aandacht was van korte duur. Het Westerse publiek was allang Irak moe en andere onderwerpen eisten de aandacht op in de nieuwscarroussel. Na het vertrek van de Amerikaanse troepen in 2011 zagen de meeste buitenlandse media al helemaal geen reden meer om nog over het land te berichten. Toen ook de voorbodes van de huidige crisis nauwelijks werden opgemerkt, mailde het lokale team van The Associated Press dat de dagelijkse stand van zaken bijhield, enigszins bitter: “Wat kunnen we doen? Dit is Irak.” Met hulp van buurlanden die het vuurtje oppookten groeide de sluimerende onrust vrijwel ongezien uit tot een conflict tussen een compromisloze sjiitische regering en extremistische fanatici van IS die opereren in een gelegenheidsverbond met ervaren militairen en strategen uit Saddams Baath partij en stammen die op lokaal niveau hun eigen vetes uitvechten. En pas nu de vlammen uit het dak slaan, is Irak terug in het nieuws.
Met die ontluisterende constatering sta ik anno 2014 weer bij het Hamra Hotel. (https://www.villamedia.nl/magazine/artikel/the-happy-hamra/) Sinds de laatste bomaanslag ligt het erbij als een somber ongebruikt karkas. Bij het hotel aan de overkant kom ik enkele van de vroegere personeelsleden tegen. “Dus jullie zijn allemaal weer terug?” vraagt een van hen. Ik knik. Even staan we zwijgend staan we tegenover elkaar. Omdat hij het niet zegt, zeg ik het maar: “Je vraagt je af waar alle journalisten de afgelopen jaren waren.”

Fragmenten uit: De oorlog was nooit dood
Vrij Nederland, 20 december 2014


vrijdag 20 maart 2015

Spiegeltje, spiegeltje


Na zo'n acht minuten radio ben ik weer royalty watcher af, dus het antwoord op onderstaande vraag is aan collega's die het koninklijk dossier beheren.

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand,
Wie is straks de schoonste in het land?

Een checklist voor hoog bezoek aan Birma



Toen Aung San Suu Kyi en Barack Obama vorig jaar in Birma samen voor de microfoons verschenen, gaf de Amerikaanse president een aantal criteria om de voortgang in het proces van hervormingen te toetsen.
Voor het gemak parafraseer ik even.
Bijtijds verkiezingen die vrij, eerlijk en transparant zijn.
Aanpassing van de grondwet zodat die niemand buitensluit.
Voortgang in de vredesonderhandelingen met etnische rebellen.
Maatregelen om de discriminatie van Rohingya's en andere minderheden tegen te gaan.
Verbetering in fundamentele kwesties als persoonlijke vrijheid en bestraffing van willekeurige arrestaties en mishandeling.

The New York Times geeft vandaag vrij aardig de score op bovenstaande punten aan.
http://www.nytimes.com/2015/03/21/opinion/backsliding-on-reform-in-myanmar.html?smid=tw-share&_r=0.

De checklist van Obama lijkt me handig voor elke vip die naar Birma gaat. Zo'n bezoek, hoe belangwekkend wellicht ook, heeft immers onvermijdelijk wrange kanten tegen de achtergrond van alle verontrustende gebeurtenissen. Evenmin kan het kwaad vooraf te weten dat slechts enkele maanden geleden tientallen families die in zelfgebouwde krotjes op de oever van de rivier in Mandalay bivakkeerden, verdreven werden zodat de Noorse koning en zijn vrouw bij hun boottocht de onfotogenieke armoede niet in het vizier zouden krijgen. Het was een Birmese journalist die me aan dat voorval herinnerde. Tot zo ver een eerste reactie uit Birma.
Overigens zou een microkrediet voor de bewoners van die platgewalste hutjes helemaal geen slecht idee zijn.

Waarom ik hier een blog aan wijd? Dat licht ik later vanmiddag toe bij Radio EenVandaag.

woensdag 18 maart 2015

Over vrienden en vijanden


Stoft de spreekbuis van de Birmese regering oude retoriek weer af? De stichtelijke woorden en verkapte dreigementen lijken verdacht veel op editorials uit de The New Light of Myanmar die ik jarenlang verzamelde.


dinsdag 17 maart 2015

Birmese monniken en een mythe


Toen vandaag twee Birmezen en een Nieuw Zeelander tot 2,5 jaar gevangenisstraf plus dwangarbeid werden veroordeeld omdat ze voor de promotie van hun Buddha Bar in Rangoon een flyer van een Boeddha met een koptelefoon gebruikten, klonk onder sommige monniken applaus. Hoe zit het nu eigenlijk met die boeddhistische verdraagzaamheid?
Toegegeven: het zijn bedwelmende beelden zoals monniken in het vale ochtendlicht door de straten trekken, met een tred zo omzichtig alsof de aarde onder hun blote voeten barsten kan. Aan dat aura van serene rust en onthechting wil een onthaastende Westerse bezoeker zich natuurlijk wat graag laven. Maar journalisten zijn nu eenmaal "not in the business to be liked” zoals een oude vriend vaak roept. Tijd dus om de hardnekkige mythe door te prikken dat al die zonen van Boeddha ultieme ikonen van tolerantie zijn.
Binnen het boeddhisme bestaan net zo goed extremistische groepen als binnen andere levensbeschouwingen. Toen de Britten in de negentiende eeuws de Birmese monarchie onderdeel maakten van hun kolonie India, raakte de stroming binnen de monnikenorde die van oudsher als adviseur van het Birmese hof fungeerde, deze rol kwijt. Mede daarom namen diverse monniken een leidende rol in de onafhankelijkheidsbeweging. Zo raakte het boeddhisme verweven met het nationalisme. Tot de dag van vandaag zien bepaalde monniken alles wat buitenlands is, als een aanval op de Sangha (monnikenorde) en zijn structuren. Die visie past bij het beleid van de machthebbers om de afgelopen decennia een Birmaans (Birmanen zijn de grootste etnische groep in Birma) nationalisme te propageren waarin het boeddhisme superieur aan andere religies wordt verklaard.
De giftige cocktail van boeddhisme en nationalisme valt in een extra vruchtbare voedingsbodem vanwege de ongewisse tijden die het land doormaakt. Vooral moslims zijn, net als voorheen, de dupe. Met een minderheid van een paar procent vormen ze een dankbaar doelwit die bovendien vanwege zijn succesvolle ondernemerschap regelmatig jaloezie oproept.
Diverse keren maakte ik de afgelopen twee jaar mee hoe de extremistische monnik Wirathu geheel ongestoord zijn haatzaainde boodschap kan verspreiden. Enkele weken geleden ging hij in Rangoon zelfs zo te keer dat de rillingen over mijn rug liepen.
Het is inmiddels een overbekend verhaal dat een deel van de oude macht het religieuze vuurtje oppookt om de politieke hervormingen een halt toe te roepen. Maar het zou zelfs kunnen dat de hetze ook bedoeld is om de antipathie tegen Chinezen die de Birmese economie steeds meer zijn gaan domineren, op moslims af te wentelen.
Er zijn nog altijd religieuze leiders en personen van aanzien die oproepen tot tolerantie, maar hun boodschap dreigt te verwaaien in de wind van onverdraagzaamheid die door het land waait.
De kans dat de drie veroordeelden via een hoger beroep vrij komen is aanzienlijk minder in dit onfrisse klimaat. En in alle internationale media aandacht voor de zaak sneeuwt volledig onder dat ook tientallen Birmese jongeren voor de zoveelste keer in de geschiedenis achter de tralies werden gezet.

zondag 15 maart 2015

Een Syrisch kinderrijm




                                      Aboude in Aleppo bijna een jaar geleden       
                                                        

We speculeren er op los in onze berichtgeving over IS(IS). Het ene moment rammelt de extremistische terreurorganisatie zo ongeveer aan de poorten van Rome. Het volgende moment begint het onverslaanbare monster van binnenuit te eroderen.
Ik kon het de afgelopen dagen niet meer volgen. Van pure consternatie kwam er spontaan een kinderrijm in mij op.

"ISIS hier, ISIS daar,
Steeds weer zijn de rapen gaar,
Maar maar maar, o maar,
Wat is er allemaal precies van waar?
"

Mede vanwege een overdosis aan IS(IS) verhalen falen we hopeloos in onze verslaggeving over Syrie. Daarom zou iedereen vier jaar na het begin van de opstand, de documentaire uit 2013 van Marcel Mettelsiefen over Aboude en zijn lotgenoten in Aleppo moeten zien.
https://www.youtube.com/watch?v=SWG7xq4vQ0M&app=desktop1
(Vanaf 24.00)

Birma, wat nu EU?





Rangoon 1988 Terwijl een woelige brij van demonstranten door de straten trekt, verklaart studentenleider Min Ko Naing, een tengere jongen met een soort baseballcap op en een zakdoek voor zijn gezicht gebonden: “Fysiek kan ik sterven. Maar er zullen steeds weer nieuwe Min Ko Naings verschijnen om mijn plaats in te nemen.” Kort daarna leggen militairen de roep om een beter Birma het zwijgen op. Min Ko Naing gaat achter de tralies – een gevangenschap die bij elkaar zo'n twintig jaar zal duren.
Rangoon 2013 Als man van vijftig wijst Min Ko Naing naar de afbeelding van die slungel van 25 jaar geleden met zijn bedekte gelaat. Hij zegt: “Ja, ik verloor mijn jeugd, maar de geest van toen leeft nog.”
Rangoon maart 2015 Een zichtbaar aangeslagen Min Ko Naing toont een foto van een frele meisje dat door een lid van een knokploeg wordt meegesleurd. Hij vraagt: “Laten ze nu de wreedheid van dit tijdperk zien?”
Zijn gezicht staat niet alleen ontdaan omdat tientallen studenten en scholieren bont en blauw geslagen in de cel zitten. Als toonaangevend dissident wil hij de jonge demonstranten niet afvallen nu ze in zijn voetsporen treden, Maar door schade en -weinig- schande wijs geworden, ziet hij ook de valkuil voor hun stoutmoedigheid in deze ongewisse tijd. Het laat zich immers niet moeilijk raden wie er garen bij probeert te spinnen wanneer dit protest -al dan niet geprovoceerd- uit de hand loopt.


Waar staat Birma?
Sinds bijna vier jaar geleden onder leiding van president Thein Sein een regering van voornamelijk ex-militairen aantrad, begonnen hervormingen waarvoor Min Ko Naing en honderdduizenden anderen in 1988 hun leven waagden. De meeste politieke gevangenen werden vrijgelaten, de media kregen meer bewegingsruimte en oppositieleidster Aung San Suu Kyi verruilde haar huisarrest voor een zetel in het parlement.
Maar het is belangrijk om te bedenken dat de veranderingen niet door druk uit de samenleving afgedwongen waren. Het proces van transitie was een stap voor stap geregisseerd traject dat al jaren geleden in gang werd gezet en dat als alles volgens plan zou gaan, een dubieuze vorm van democratie als eindbestemming had. Ingegeven door pragmatische motieven van de militairen zoals een veilig pensioen en verbeterde betrekkingen met het Westen als tegenhanger voor de uit de hand gelopen Chinese overheersing. In eerste instantie leken de nieuwe leiders die hun uniform verruilden voor een burgerjasje ruimdenkender dan verwacht, al viel onmogelijk te voorspellen hoe ver de nieuwe koers door zou zetten. Na jaren van beperkte sancties normaliseerde de EU in rap tempo de betrekkingen, ondanks de waarschuwing van mensenrechtenorganisaties dat enige terughoudendheid in dit prille stadium geen kwaad zou kunnen. De tegenstanders van verandering onder wie ook machtige militairen, roerden zich nog flink. Het had er regelmatig alle schijn van dat wat hun betreft de laatste halte op de route naar een "gedisciplineerde bloeiende democratie" was bereikt: een staat met een ondemocratische grondwet die het leger grote politieke macht garandeert.
Het was aan Min Ko Naing en al die anderen om de beperkte speelruimte op te rekken, hetgeen uiteraard een klus van jewelste is. De politieke oppositie is verdeeld en onervaren, onder activisten spelen aloude rivaliteit en meningsverschillen op en ook instituten die enig democratisch stutwerk zouden moeten verrichten, zijn zwak en onderbemand.
Ondanks al die onzekerheid domineerde in steden als Rangoon en Mandalay een hoopvoller Birma. Een aanzienlijk vrijer en minder angstig land, waar burgers kansen op een beter bestaan probeerden te grijpen. Maar buiten de grote plaatsen lag een Birma waar het vervaarlijk gistte, juist in deze periode. Na nieuwe terreurcampagnes tegen de statenloze islamitische minderheid de Rohingya’s, sloeg het geweld tegen moslims over naar andere delen van het land. Extreem nationalistische monniken injecteerden hun giftige anti-islam boodschap in de samenleving. Etnische minderheden hadden ondanks besprekingen met de nieuwe regering, nog altijd geen garanties voor gelijke rechten binnen een federale staat. In sommige van hun thuislanden werd zelfs opnieuw gevochten met tienduizenden ontheemde burgers als gevolg. Het aantal politieke gevangenen begon weer toe te nemen, net als de scepsis over de reikwijdte van de hervormingen. Het 'nieuwe' Birma waarin de ene buitenlandse delegatie na de andere binnentrok, was een land dat een deel van zijn duistere verleden achter zich had gelaten, maar dat nog niet precies wist wat daarvoor in de plaats zou komen.
Nadat zijn celdeur open zwaaide wilde Min Ko Naing gaan schilderen en theaterstukken en gedichten schrijven. Maar de  onrust die door het land begon te spoken, liet hem weinig tijd voor die verlangens.
Net als velen probeerde hij een evenwicht te vinden tussen hoop en vrees. Dat is er de afgelopen week niet makkelijker op geworden.
Ik vraag me af hoe het de EU vergaat met die balans.


woensdag 11 maart 2015

De zonen en dochters van Birma




Ik begrijp wel dat veel media dachten: waarom zouden we iets moeten met dit onderwerp? Het tafereel zag er voor de buitenwereld immers zo onschuldig uit: plukjes piepjonge studenten en scholieren die met rode vlaggen door een pastoraal landschap trokken om een betere onderwijswet te eisen.
Maar terwijl we in Nederland nog wel eens lacherig willen doen over onze academici in spe, hebben studenten in Birma juist groot aanzien als zonen en dochters van het land.
Al sinds de onafhankelijkheidsstrijd brachten ze diverse keren mensenmassa's op de been. Vanwege die rebellie gingen ze voor jaren achter de tralies, soms zelfs een half leven lang, en dat vergrootte hun moreel gezag. Dat ze -net als nu-   vaak ook flink in de clinch lagen met elkaar over taktieken en strategie, deed daar niets aan af.
  Er speelt bij de demonstranten meer dan jeugdig elan en gedreven verontwaardiging. Velen dragen oude verhalen in hun jonge hoofd. Zoals een van de leiders die mijn collega's en ik vorige maand ontmoetten in het Delta gebied ten zuidwesten van Rangoon. Zijn vader zat jaren vast nadat hij meedeed aan de opstand van 1988. Toen zijn zoon en dochter zich klaarmaakten voor de demonstratie, huilde hij vol zorg. Hij hoorde de celdeur al achter zijn kinderen dichtslaan. Maar zijn zoon dacht aan de offers die zijn vader had gebracht en vond dat het zijn beurt was om de vlag van de verboden studentenbond openlijk te laten wapperen.
 De oudere garde dissidenten is verdeeld. Sommigen  zien de protesten als een manier om een brede volksbeweging op te zetten en steunen de nieuwe rebellie. Anderen vrezen dat de onervaren studenten voor te radikale karretjes gespannen worden om een regime change te forceren. Traditiegetrouw was de overheid er als de kippen bij om alarm te slaan over een rood gevaar. Terwijl de ins en outs over die agenda's zich nog laten raden, werden de studenten op de meeste plaatsen onderweg toegejuicht - al was dat soms stilzwijgend. Steeds meer mensen merken dat na een prille lente de beloofde hervormingen stagneren en dat van de reguliere politieke oppositie niet veel te verwachten valt.
  De regering staat flink op scherp nu een nieuwe generatie de straat op gaat vanwege de onvrijheid en het economisch wanbeleid - de onderliggende kwesties waar het in dit protest om draait.
  Als Birma werkelijk op de goede weg is, zullen de regering en hun militaire medestanders de steun voor de studenten onder de bevolking niet als een bedreiging zien. Maar vooralsnog duidt hun optreden eerder op het tegendeel.
  Facebook, twitter en ook mijn mailbox gonzen van de woedende reacties over het gewelddadige optreden van politie (die  door de EU in crowdcontrol wordt getraind), knokploegen en mogelijk zelfs militairen in een politie-uniform en de talloze arrestaties - zo'n drie generaties melden dat hun vertrouwen in de autoriteiten tot ver onder het nulpunt is gedaald. Met een serie herdenkingsdata uit 1988 en bij voorbaat omstreden verkiezingen aan de horizon wachten Birma roerige tijden.
Stay tuned, helaas.


photo Hein Htet/The Irrawaddy

zondag 8 maart 2015

De vrouwelijke rebellen van de Kachin







"Sommige foto's ogen lieflijk en intiem. Langs dicht tegen elkaar gedrukte slapende gezichten strijkt teder licht. Tegen een decor van fluwelige bergen wassen lachende vrouwen met hun haar in nonchalante paardenstaarten zich in de rivier. En zelfs in de foto's die wel uniformen en geweren tonen, lijkt de oorlog in eerste instantie ver weg. Maar wie nog eens kijkt ontdekt meer. Zoals de tranen op de jonge wang van een rekruut die wellicht voor het eerst van huis is. Zo bezien gaat deze fotoserie over heimwee, isolement, verlatenheid, het zoeken naar troost in een grimmige wereld.
De jonge vrouwen zijn in dienst van het rebellenleger van de Kachin, dat in een van de hardnekkigste en langstdurende conflicten ter wereld verwikkeld is...."

Uit: Vrij Nederland 8 maart 2015